Je was erbij > Overzicht

Installatie beiaard - Lo - 24/05/2008

Het was kermis in Lo op zaterdag 24 mei 2008 en tevens vond de inhuldiging plaats van de beiaard. Deze heeft een plaats gekregen in het oude stadhuis met zijn belfortoren.

Op de markt in Lo is het heerlijk op een terrasje.

Onder begeleiding van harmonie De Volksvreugd uit Proven werden prominenten en gasten opgehaald.

Rechts het standbeeld voor de gesneuvelden.

De belforttoren waarin de beiaard werd opgehangen.

Initiatiefnemer Jan Dequidt leidde alles in goede banen.

Daarna nam Lode Morlion het woord. Hij was op zoek gegaan naar de oorsprong van het woord beiaard en was bij Reinaert De Vos terechtgekomen. Daar werd het woord gebruikt in de betekenis van iemand zijn 'klokkenspel'. De burgemeester noemde de beiaard een toestel dat speelt voor iedereen, ongeacht ras of status. M.a.w. een bijzonder democratisch toestel. Hij hield er ook aan iedereen te danken en te proficiateren die aan de beiaard had meegewerkt.

Veel volk op het mooie marktplein.

Paarden met huifkar en een aantal toeristen kwamen eventjes luidruchtig voorbij.

Daarna gaf Jan Dequidt toelichting bij het totstandkomen van beiaard: "Ongeveer 2 jaar geleden stelde ik mij de vraag of het niet mogelijk zou zijn om, zoals in verschillende Vlaamse steden, ook in Lo een beiaard te installeren, bij voorkeur in de belforttoren van het stadhuis. De stad, eigenaar van het gebouw, en de huurders Stefaan en Bieke, waren het idee niet ongenegen. Na contactname met de Vlaamse beiaardvereniging wist ik dat het niet simpel zou zijn om dit project te realiseren: het kostenplaatje van een dergelijke installatie is niet van de poes en overheidssubsidies voor een nieuwe beiaard zijn niet evident. Gesterkt door het feit dat de pastoor van Zuienkerke op korte tijd erin geslaagd was om het nodige geld bijeen te garen voor een 2-octaafs beiaard in de Sint- Michielskerk, dook ik in de archieven en contacteerde allerhande instanties om op die manier een mooi dossier samen te stellen, een werkdocument om met veel enthousiasme mijn sponsortocht te starten. Maar... blijkbaar hebben pastoors meer ervaring in het ronselen van geld... Met de steun van het gemeentebestuur en enthousiaste leden van de ondertussen opgerichte werkgroep beiaard zijn we er niettemin toch in geslaagd om de nodige fondsen bijeen te brengen.

Op die manier kunnen we hier vandaag met enige trots onze nieuwe beiaard aan uvoorstellen. We hebben geopteerd voor een computergestuurde beiaard van 18 klokken, binnenkort nog uit te breiden met 5 extra klokken tot 2 volledige octaven.

Ik wil graag van deze gelegenheid gebruik maken om iedereen te danken voor de steun die we mochten ontvangen. Heel wat mensen uit Lo-Reninge en omstreken hebben een duit in het zakje gedaan. In het bijzonder dank ik volgende sponsors: Stad Lo-Reninge, Provincie West-Vlaanderen, Biscuiterie Jules Destrooper, Cera, Clock-o-matic, Toepie Nieuwpoort, Dexia - cvba regio Diksmuide-Westkust, V.V.V. Lo-Reninge, Marnixring Veume-Zannekin, Ethias, Eandis, Koning Boudewijnstichting, Familie Dequidt-Bovyn, Dhr en Mevr Dewaele-Dupont. Dankzij hun financiële inbreng hebben we dit project kunnen realiseren en geeft deze beiaard een grote culturele en toeristische meerwaarde aan ons mooi stadje Lo."

Rechts een deel van de toeristen die absoluut op de foto wilden.

Daarna was het tijd voor de officiële onthulling van een kopie op schaal 1/3 van de beiaard. Deze kopie werd gemaakt door de leerlingen van het VTI-Buso uit Poperinge.

Verdiend applaus waarna geluisterd werd naar het eerste liedje op de nieuwe beiaard, een creatie van de Ieperse organist Ludo Geloen.

Daarna was het tijd voor een groepsfoto.

En voor een gezellige receptie.

Er werd druk bijgepraat.

Jan Dequidt werd geïnterviewd door de collega's van Focus TV. Rechts herkennen we de broers Patrick en Peter Destrooper van Biscuiterie Jules Destrooper, een van de gulle sponsors van het project.

Proficiat aan alle mensen die hebben meegewerkt aan deze mooie realisatie. Menigeen zal op een van de terrasjes van Lo zeker genieten van de beiaard.

Hierbij nog wat extra informatie uit de brochure die voor deze gelegenheid werd samengesteld.

Korte historiek stadhuis Lo

Wanneer het eerste stadhuis van Lo gebouwd werd, kan niet achterhaald worden. In de oudst bewaarde stadsrekeningen van 1404 zien we dat het stadhuis moest hersteld worden. Mede door de vele herstellingen die moesten uitgevoerd worden in de daaropvolgende jaren, kunnen we besluiten dat het stadhuis al heel wat ouder moet zijn. In het archief van Loo nr 125 (1564) lezen we dat de burgemeester en schepenen bij de Graaf van Vlaanderen geklaagd hadden over 'hunne lasten ende schaemelheyt van der stede huus'...'soedat men t'zelve niet meer gebruycken en can, noch en mach zonder groot peryckel van den genen die daegelicx in 't zelve frequenteren'. Zo vragen zij om de accijnzen te mogen verhogen op de wijnen en bieren die gesleten werden 'ten tappe binnen der selver stede', en om een aantal 'eleene huusekens' te mogen verkopen. Dit werd toegestaan 'uyt zonderlinghe gratie', op voorwaarde dat er een 'nyeuwe, goet ende stercke gevangenisse, gestoffeert alst daertoe dient', voorzien was in het nieuw stadhuis.

Bouwmeester-metser Joos Staesin van leper tekent het 'patroon van den schepenhuuse' en het bouwen begint in 1565. Naast het stadhuis bouwt hij een half vrijstaand torenvolume (belfort) om er de stadsklok en een kleine beiaard in op te hangen. Onderaan is de toren, steunend op twee zuilen met rondbogen, opengewerkt tot een pui (de 'pretecke'), waar de officiële bekendmakingen werden voorgelezen. Tijdens beschietingen in de Eerste Wereldoorlog wordt de bovenste geleding en de bekroning van het belfort, alsook een gedeelte van de oostvieugel van het gebouw, totaal vernietigd. Kort na de Eerste Wereldoorlog werd, behoudens de reconstructie van het bovenste gedeelte van het belfort, de oostvleugel uitgebreid.

Belforttoren

De vroegste belforten waren houten torens die fungeerden als uitkijkpost en bewaarplaats van kostbaarheden. Economische bloei en de ontwikkeling van de Vlaamse steden in de Middeleeuwen leidden tot een nieuwe rol voor de belforten. Voordat er stadhuizen in de steden verrezen, waren de hallen en belforten de belangrijkste openbare burgerlijke gebouwen. De hallen waren de plaatsen waar de plaatselijke koopwaar werd verhandeld (vooral de lakenhandel floreerde); in de belforten werden de kostbaarheden en de privileges van de stad bewaard. Door zijn hoogte en forse bouw werd de belforttoren het onwrikbare symbool van weerbaarheid en burgerlijke onafhankelijkheid. Sinds 1 december 1999 zijn 24 Vlaamse, waaronder deze van Lo, en 6 Waalse belforten door de Unesco erkend als werelderfgoed.

Beiaard

a. geschiedenis van de heiaard

De oudste, en nog altijd meest verspreide functie van klokken, is de signaalfunctie, met ondermeer het aangeven van het uur door het juiste aantal slagen. Doch algauw werd de noodzaak gevoeld om de uurslagen van de uurklok aan te kondigen door een zogenaamde voorslag. Het woord betekent letterlijk 'wat voor de uurslag komt'. Zo werden de inwoners attent gemaakt op de naderende uurslag. Het leverde een uniek staaltje van technisch vernuft dat het mechanisme van het torenuurwerk koppelde aan de klokken in de toren. Aldus werd het automatisch klokkenspel geboren.

Vanaf de eerste helft van de 14e eeuw werden de eerste automatische klokkenspellen ontwikkeld: een trommel met staafjes tilt tijdens het ronddraaien een hefboom op. Deze is via een metalen draad verbonden met een hamer, die wordt opgelicht en nadien terugvalt op de klok. Afhankelijk van het aantal klokjes was in beperkte mate melodisch spel mogelijk.

Daarnaast bestond sedert lang de techniek van het 'beieren', waarbij de verschillende klokken van het automatisch speelwerk door middel van touwen en klepels (aan de binnenkant van de klok) met de hand werden bespeeld. Tenslotte kende men al vanaf de 10e eeuw ook het zogenaamde cimbaalspel, waarbij kleine klokjes (of cimbalen) muzikaal gebruikt werden, dit vooral in kloosters, kerken en scholen. In deze drie gebruiken schuilt het ontstaan van de beiaard, waarbij de klokken middels een stokkenklavier manueel tot klinken worden gebracht. De Franse bezetting luidde het begin van een donkere eeuw voor de beiaardkunst in. De Vlaamse klokken werden systematisch opgeëist om het tin uit het brons te verwijderen waarmee in totaal 300 miljoen Franse muntstukken werden gemaakt. Ongeveer 70% van de klokkentorens was leeggeroofd, een verlies dat nooit meer werd goedgemaakt.

Pas halfweg de 19e' eeuw kwam er een aanzet tot kentering en heropleving dankzij de Mechelse stadsbeiaardier Adolf Denyn (1823 - 1894). Hij gaf blijk van een nieuwe kijk op het beiaardspel. Zijn zoon Jef Denyn (1862 - 1941) zette zijn werk voort en bracht verschillende technische vernieuwingen aan met betrekking tot de speelwijze van de beiaard. Deze nieuwe beiaardinrichting maakte furore rond de eeuwwisseling naar de 20e eeuw. In 1980 verdween met de families Michiels (Doornik) en Sergeys (Leuven) het eeuwenoude beroep van klokkengieter in Vlaanderen. Niettegenstaande dit feit is Vlaanderen nog steeds één van de belangrijkste plaatsen voor de verspreiding en promotie van de beiaardkunst.

b. historiek beiaard Lo

Het recht van een stadsklok te hebben was een exclusief voorrecht voor een dorp dat gemeenterecht had. Deze klok diende hoofdzakelijk om te wapen te roepen (cloche banale), maar ook om de schepenen van de stad ter vergadering te roepen, later om de uren te luiden (huereclocke). In de stadsrekeningen van 1410 en 1411 wordt er reeds een 'huereclocke' vermeld. In 1449 komt er een wijzerplaat, die de uren aanwijst. In 1525 wordt er een klein beiaardspel bijgevoegd van 4 klokken, die de halve uren moesten slaan. In 1527 werd het klokkenspel vervolledigd met 7 klokjes.

Toen het stadhuis herbouwd wordt in 1565-1566, worden het horloge en de klokken van het oude stadhuis weggehaald en op de kerktoren geplaatst. In 1568 wordt alles teruggeplaatst in de nieuwe toren van het stadhuis. In 1570 wordt er een nieuw uurwerk met uurklok geïnstalleerd. In 1658 wordt de klok van het stadhuis afgehaald en in de toren van de parochiekerk geplaatst. In 1660, 1744 en 1753 worden herstellingen uitgevoerd aan de beiaard en wordt hij telkens uitgebreid met nieuwe 'nooten in den trommel'.

Na 1753 zijn er geen aantekeningen terug te vinden betreffende de beiaard. Heel waarschijnlijk zijn de klokken tijdens de Franse bezetting opgeëist geweest om er muntstukken van te smelten (zie: 'geschiedenis van de beiaard').

In 1962 stelt dhr. G. Frère voor aan de gemeente om een klokkenspel aan te kopen. Dit zou echter niet in de belforttoren geïnstalleerd worden, maar op het Vateplein geplaatst worden. Doch door financiële moeilijkheden is dit nooit gerealiseerd, ondanks een provinciale toelage van 48,73%.

c. Clock-o-matic

In 1949 voert Germain Frére uit Lo- Reninge de eerste elektrificatie van een klokkeninstallatie uit in de kerk St.-Rectrudis te Reninge. Het is een primeur dat de klokken elektrisch synchroon geluid kunnen worden dwz BIM-BAM-BOM-BIM-BAM-BOM... Dit was een kunst die voorheen enkel de West-Vlaamse handklokkenluiders eigen was. Er verschijnt een krantenartikel in de lokale pers waarna contacten volgen met kerkfabrieken en gemeentebesturen uit gans België. Germain Frére bedenkt meteen een klinkende naam voor zijn firma, met name Clock-o-matic, een Amerikaanse naam omdat Amerikaanse producten in die tijd hoog in het vaandel gedragen werden. Sindsdien heeft Clock-o-matic een lange weg afgelegd en is het uitgegroeid tot een bedrijf met wereldwijde export van hun know-how voor luidklokken, bejaarden en monumentale uurwerken.

5. Installatie van beiaard in belforttoren van Lo

Voor de installatie van een beiaard werd beroep gedaan op de firma Cloek-o-matic uit Holsbeek. Vermits deze firma haar roots heeft in Lo (zie 'Clock-o-matic') leek het ons dan ook logisch met deze firma in zee te gaan. Na opmetingen in de bovenste geleding van de belforttoren werd door Clock-o-matic in eerste instantie een voorstel gedaan om een 1-octaafs beiaard te installeren in de toren. Deze zou bestaan uit 12 klokken. Na overleg werd toch geopteerd voor een 2-octaafs beiaard, een uitbreiding met 11 klokken.

De sturing gebeurt door de beiaardcomputer APOLLO 11 SBSI, die bestaat uit 2 apparaten die onderling permanent in communicatie met elkaar staan. De APOLLO 11 is het bedieningsapparaat dat zo dicht mogelijk bij de gebruiker geplaatst wordt. In dit gedeelte worden de programma's en de melodieën ingebracht. De geheugenmodule kan tot 126 melodieën onder MIDI-formaat opslaan. Een MIDI-interface maakt het mogelijk om een klavier of een PC aan te sluiten, waardoor de melodietjes dadelijk kunnen ingebracht en geregistreerd worden. Met een modem (optie) kan men het APOLLO-uurwerk van op afstand bedienen. Dit gebeurt via een analoge telefoonlijn of door middel van een GSM-modem, met de mogelijkheid om nieuwe muziek in te spelen. Het vermogen-gedeelte SBSI wordt zo dicht mogelijk bij de klokken geplaatst. Dit gedeelte stuurt de hamers.

Ook jouw informatie is hier welkom, zolang het maar betrekking heeft op (een aspect van) de Westhoek.

Enkele voorbeelden:

  • Jullie organiseren of bezoeken een rommelmarkt, een tentoonstelling, ...
  • Jullie voeren een protestactie voor meer fietspaden in uw gemeente
  • Jullie bedrijf hield een opendeurdag
  • Jullie vereniging organiseert een groot evenement
  • Je grootmoeder wordt 100 jaar
  • Je huwt
  • Je ouders vieren hun huwelijksjubileum
  • Julle krijgen een kindje of een tweeling
  • ...

Foto's en een korte begeleidende tekst kun je steeds doorsturen naar info@westhoek.be

Technische vereisten:

  • foto's: apart doorsturen in gif- of jpg-formaat (max. 400 pixels breed)
  • tekst : in je mailbericht of een Word-document

Foto's en teksten die niet voldoen aan deze voorwaarden zullen systematisch geweigerd worden.